Luisteren
Lezen
De vorige keer ging het verhaal over Ruth op het veld van Boaz. Over hoe ze hard werkte. En dat Boaz zo vriendelijk voor haar was. En hoe Naomi begon te hopen. Vandaag gaan we verder met het verhaal.
Naomi zat op een avond naast Ruth in hun kleine huisje. Ze keek naar Ruth en zei: “Ruth, ik wil graag dat het goed met je gaat.” Ruth keek op. “Met mij gaat het wel goed hoor, Naomi.” Naomi glimlachte een beetje. “Maar ik wil dat je een veilige plek hebt. Een thuis. Iemand die voor je zorgt.” Ze dacht even na en zei toen: “Ik wil dat je iets doet. Boaz is een goede man. Hij kan ons helpen. Hij is familie van ons. Dat betekent dat hij eigenlijk ook voor ons zou kunnen zorgen.” Ruth keek haar aan. “Wat moet ik doen?”
“Vanavond gaat Boaz het graan dorsen op de dorsvloer.” Een dorsvloer was een open plek waar de boeren het graan naartoe brachten, zodat er later brood van gemaakt kon worden. “Ga vanavond naar de dorsvloer,” zei Naomi. “Boaz slaapt daar om het graan te bewaken. Wacht tot hij slaapt en ga dan aan zijn voeten liggen. Dat is een manier om aan hem te vragen: ‘Wilt u voor mij zorgen?’”

Ruth slikte even. “Is dat niet… spannend?” Naomi knikte. “Ja, dat is spannend. Maar ik vertrouw Boaz. En ik vertrouw God. Doe precies wat ik zeg en vertrouw erop dat Boaz goed zal doen.” Ruth knikte. “Ik doe alles wat u zegt.”
Die nacht sloop Ruth zachtjes naar de dorsvloer. Het was donker, maar de maan scheen en de sterren fonkelden aan de hemel. Daar lag Boaz te slapen na een lange dag hard werken. Ruth hoorde het zachte snurken van Boaz. Ze twijfelde niet en ging aan zijn voeten. Ze wachtte en wachtte. Haar hart klopte snel.
Opeens bewoog Boaz. Hij draaide zich om en merkte dat er iemand lag. “Huh? Wie is daar?”
Ruth fluisterde: “Ik ben het… Ruth.”
Boaz ging rechtop zitten. “Ruth? Wat doe je hier?”
“U bent familie van Naomi”, zei Ruth zacht. “U kunt ons helpen. Wilt u voor ons zorgen?”
Boaz keek haar lang aan. Zijn ogen werden warm. “Ruth… wat ben je een bijzondere vrouw. Je had ook een jongere man kunnen zoeken, maar je kiest voor trouw. Iedereen weet dat jij goed bent. Ik wil graag doen wat je vraagt. Maar er is één man die nog dichterbij in de familie is dan ik. Ik ga eerst met hem praten. Maar ik beloof je: ik zorg dat het goed komt.”
Ruth voelde haar hart bonzen. “Dank u… dank u wel.”
Boaz legde een deken over Ruth heen en zei: “Ga rustig liggen. Morgen regel ik alles.”
De volgende ochtend gaf Boaz Ruth een zak vol graan. “Dit is voor Naomi,” zei hij, “ga maar gauw naar haar terug.” Ruth glimlachte. “Dank u wel.”
Toen Ruth thuiskwam, keek Naomi verbaasd. “Wat is dat allemaal?” vroeg ze. “Boaz heeft het gegeven,” zei Ruth. Naomi knikte tevreden. “Wacht maar,” zei ze. “Boaz laat dit niet liggen. Hij gaat vandaag al zorgen voor een oplossing.”
En dat deed Boaz. Hij ging naar de stadspoort en sprak met die man die ook familie was. Boaz vertelde over Naomi en Ruth en dat er iemand voor de vrouwen zou moeten zorgen. De man dacht even na, maar zei toen: “Nee, ik kan het niet doen, ik kan niet voor Naomi en Ruth zorgen.” Boaz knikte en zei hardop, zodat iedereen het kon horen: “Dan zal ik dat doen.” De mensen glimlachten. “God zegene jullie,” zeiden ze.
En zo kwam het dus inderdaad allemaal goed. Boaz en Ruth gingen trouwen. Het hele dorp vierde feest. Er werd gezongen, gedanst, gelachen. Naomi stond erbij en keek naar Ruth. Haar hart vulde zich met warmte. “God heeft mij weer blijdschap gegeven,” fluisterde ze.
Boaz en Ruth waren gelukkig samen en ze kregen een zoon. Ze noemden hem Obed. Naomi was zo blij met Obed. Ze wiegde hem in haar armen. “Wat ben jij een geschenk,” zei ze zacht. “God heeft ons nooit verlaten.” Ruth stond naast haar. Wat begon met verdriet en honger… eindigde met vreugde en nieuw leven.

Wist je dat uit deze familie later koning David geboren zou worden? En nog veel later… de Here Jezus?
God had een plan gehad. Al die tijd al. Dit was het einde van het verhaal van Ruth. Een verhaal over trouw. Over zorgen voor elkaar.
En over God, die mensen nooit vergeet.
